(Leren) leven met Willy

Of ik dan ook zou instaan voor de hond? Want anders zou hij diezelfde dag nog opgehaald worden door het asiel, zei de gerechtsdeurwaarder.

Ik stond erbij, tranen non-stop over mijn wangen biggelend, niet wetend waar te beginnen aan de immense berg werk in dit verkommerde en vervuilde huis waar ik jaren in woonde en vervolgens jaren niet meer. De sleutelmaker, een oudere man, keek me vaderlijk bezorgd aan. De politieagente, een jonge vrouw, keek afstandelijk toe. De gerechtsdeurwaarder gaf geen krimp in de stinkende kelder vol hondenstront, noteerde alle meterstanden, schreef haar proces-verbaal en vroeg me haar vraag te bevestigen. Ja, dat zou ik doen. Wat kon ik anders?

Nu ‘heb’ ik dus een hond, Wilson, Willy voor de vrienden. Merk: Cocker Spaniël, van de mannelijke kunne (sinds een week evenwel zonder balletjes). IQ: beperkt. EQ: hoogbegaafd. Moeilijk om uit te leggen hoe het zit tussen ons. Ik ‘erfde’ hem, zei ik tegen de dierenarts, maar dat klopt niet helemaal, er kwam geen overlijden bij kijken. Adopteerde ik hem? Nee, want adoptieouders kijken reikhalzend uit naar hun nieuwe kleine, borrelen over van liefde. Quod non. Ik duld hem. Laten we het daar bij houden.

Hond 2Deze niet zelf gekozen hobby heeft me al handenvol geld gekost:

  • een hondenhok, waar hij niet gaat inzitten als het regent, maar in de plaats daarvan rillend naast de achterdeur blijft janken, zie IQ.
  • twee kussens, die hij 24 u later had stukgebeten of er zijn seksuele driften op had botgevierd, het resultaat was hetzelfde.
  • een enorme zak hondenvoer. En een been om op te kauwen.
  • twee bezoeken aan de dierenarts. Hij is intussen ontvlooid, gevaccineerd, ingeënt tegen alle mogelijke gore ziektes en liet er zijn twee balletjes achter. Scène bij de dierenarts: ‘Om ervoor te zorgen dat hij de draadjes niet open bijt, trekt u hem best dit aan, mevrouw.’ De vrouw tovert een soort babypakje tevoorschijn dat over zijn kop moet gehesen worden en tussen zijn achterpoten dichtgemaakt. Seriously? Twee dagen later vergeet een kind dat ding los te peuteren vooraleer W zijn poot opheft.
  • Een nieuwe leiband die hem niet doet hijgen als een astmapatiënt in een stofnest.
  • Een rekje dat hem de toegang tot living en rest van het huis ontzegt. En dat wij nu dagelijks een keer of 30 open en dicht moeten maken. En waar hij eerst slaagde onder te kruipen door zich te vermommen als een harige slang met zijpoten. Waarna de schat die het de eerste keer installeerde, nog eens moest terugkomen om het 5 cm lager te plaatsen.

En nog te gaan:

  • het bezoek van een hondentrimster met mobiel salon. Ik tel de dagen af dat ze de extra oren (klitten) die aan zijn oren hangen, komt afknippen. Bah. Wat mij betreft, gaat ze voor een rasor head shave. De kinderen zien het anders.
  • de hondencoach, die dit beest een paar nieuwe knepen moet leren. Hoog op mijn lijst: niet janken alsof zijn moeder is overleden, wanneer ik een dutje doe in de living en hij tot de keuken veroordeeld is.

Verder proberen we met elkaar te leren leven.

Hij kwispelt uitbundig en draait zijn ronde kont in alle richtingen, wanneer hij me ziet. Hij springt met zijn vuile poten op mijn propere rok, uit pure blijdschap. Hij zou mijn gezicht aflikken om al zijn affectie breed uit te smeren, moest ik hem dat toelaten (ugh).  Hij biedt me zijn buik aan, in de hoop dat ik die uitgebreid ga aaien (wat ik soms, met lichte grom, doe). Hij valt spinnend in slaap als ik zijn 112 klitten uit zijn beatlebos probeer te kammen.

Hond 1Ik probeer eraan te wennen dat deze hond het liefst de hele tijd op en onder ons zou zitten. En zich dus komt nestelen onder een laddertje in een klein berghok dat we met tweeën staan te verven, tussen wasmachine en stookoliebrander in. Nu heeft hij een witte wenkbrauw en witte snorharen.  Ik probeer mijn kinderen eraan te wennen dat een hond hebben – en vooral: houden – betekent dat ze er dagelijks meermaals mee moeten wandelen. Zodat ik niet, zoals vanmorgen, op een nuchtere Valentijnmaag, een enorme hondendrol en drie plassen in huis vind.

Ik probeer eraan te wennen dat dit dier tijd en aandacht nodig heeft, en veel zorg, een beetje als een vierde kind. Ik probeer eraan te wennen dat hij die vraagt op alle mogelijke manieren. Op en neer wippend aan  de achterdeur bijvoorbeeld, zodat er elke 3 seconden een enthousiaste hondenkop verschijnt en weer verdwijnt. Liefde is hardnekkig.

 

 

 

Advertenties

12 comments

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s